Mobiliteit

Een goede bereikbaarheid is een basisvoorwaarde voor een Nederland van krachtige regio’s. Regionale bereikbaarheid is niet alleen essentieel voor een bloeiende economie, maar brengt mensen ook letterlijk in beweging en in verbinding met elkaar. 

De behoefte aan mobiliteit blijft groeien met verkeersophopingen en andere bereikbaarheidsproblemen tot gevolg. Deze groei in mobiliteit heeft ook een steeds grotere impact op de leefomgeving, veiligheid en het klimaat. 

De provincie speelt binnen het dossier mobiliteit een bijzondere rol. Veel mobiliteitsvraagstukken doen zich voor op het regionale of provinciale niveau. Hier heeft de provincie een unieke positie om die vraagstukken aan te pakken.

Reizigers moeten zich nu en in de toekomst makkelijk, snel, veilig, betaalbaar en zo duurzaam mogelijk kunnen verplaatsen binnen en tussen regio’s. Provincies werken daarom samen met Rijk, gemeenten en vervoerders aan mobiliteitsbeleid dat reizigers zekerheid en voorspelbaarheid biedt en het mobiliteitssysteem duurzaam en toekomstbestendig maakt. Provincies voeren dit beleid in veel gevallen ook zelf uit. 

Zo is de provincie opdrachtgever (concessieverlener) van het openbaar vervoer (OV), zorgt zij voor de aanleg en het onderhoud van provinciale (vaar)wegen en zet zij haar ruimtelijk-economische instrumenten in om mobiliteit te verminderen of te verbeteren, bijvoorbeeld door te bepalen waar bedrijventerreinen komen ten opzichte van woongebieden. 

Samenwerking focust zich op een vijftal dossiers 
Het IPO behartigt de gemeenschappelijke belangen van de provincies en onderhandelt namens de 12 provincies met het Rijk, de gemeenten, vervoerregio’s en maatschappelijke partners. Het doel van het IPO is om provincies in staat te stellen betaalbare, veilige en duurzame bereikbaarheid van regio’s te garanderen. Daarvoor zet IPO zich in op de volgende dossiers:  
 
Bestuurlijke adviescommissie
De gezamenlijke koers op het mobiliteitsdossier wordt bepaald in de Bestuurlijke Adviescommissie Mobiliteit .
De bestuurlijke adviescommissie wordt gevormd door de“vakgedeputeerden” uit de provincies.