Energie

Nederland zet zich in om in 2050 energieneutraal zijn. We willen af van fossiele brandstoffen en bereiden ons voor op de gevolgen van de klimaatverandering. De energietransitie, een circulaire economie en klimaatadaptatie, het zijn dé maatschappelijke opgaven van deze tijd. Ook de provincies nemen hierin hun verantwoordelijkheid.

 

Provincies spelen bij de aanpak hiervan een belangrijke rol. Zij kunnen op regionaal niveau de betrokken partijen met elkaar verbinden. Daarnaast maken ze duurzame investeringen mogelijk. Provincies investeren bijvoorbeeld zelf in de ontwikkeling van nieuwe technieken voor het hergebruik van grondstoffen. Ook zetten zij in op innovatieve duurzame oplossingen in het openbaar vervoer, zoals energiezuinig asfalt, zero-emissiebussen en laadpalen. Hiernaast maken de provincies ruimte voor zonnepanelen en windmolens in het landschap en bevorderen zij duurzame land- en glastuinbouw.

Regionale aanpak
Om de energietransitie te versnellen en kracht bij te zetten heeft het IPO in 2017 samen met de VNG en de Unie van Waterschappen de investeringsagenda ‘Naar een Duurzaam Nederland’ opgesteld en aangeboden aan het nieuwe Kabinet. Hierin zijn de gezamenlijke doelen op het gebied van energietransitie, klimaatadaptatie en circulaire economie geformuleerd. Dit aanbod heeft geleid tot afspraken het InterBestuurlijk Programma, waarin overheden vanuit 10 opgaven gericht samenwerken. De samenwerking aan de klimaattransitie is een van de IBP-opgaven.

Om de klimaatdoelstellingen te realiseren werken Rijk samen met decentrale overheden en  maatschappelijke partners aan een Klimaat akkoord. Dit Klimaatakkoord richt zich op 49-55% CO2 reductie in 2030 en 80-95% CO2 reductie in 2050. Minister Wiebes heeft in een brief aan de Tweede Kamer hiervoor het proces geschetst. Provincies nemen samen met gemeenten en waterschappen deel aan deze onderhandelingen voor een klimaatakkoord.

Regionale energiestrategieën
De provincies nemen tegelijkertijd samen met gemeenten en waterschappen het initiatief voor het opstellen van zogenaamde regionale energie- strategieën (RES). De maatregelen uit het nog te sluiten Klimaatakkoord zullen landen in de regio. En hebben een grote impact om onze manier van leven en onze leefomgeving.  Daarom werken decentrale overheden met alle partners in regio’s uit waar duurzame opwek en het gebruik van warmte plaats kan vinden op basis van mogelijkheden en kansen. Dat betekent maatwerk en zorgvuldig het gesprek aangaan. Daarvoor doen we dat samen met het lokale bedrijfsleven, inwoners, netbeheerders en maatschappelijke organisaties. Zo werken we aan draagvlak voor de maatregelen, want het gaat om een grote verbouwing van Nederland.

Tegelijkertijd onderhandelen we mee aan het landelijk Klimaatakkoord. Aan vijf inhoudelijke sectortafels (industrie, transport, landbouw en landgebruik, elektriciteit en gebouwde omgeving) worden daarvoor op basis van taakstellingen gesproken over de te nemen maatregelen.  

Om de lijnen kort te houden en de provinciale belangen te vertegenwoordigen, bereidt het IPO namens de twaalf provincies de onderhandelingen voor en de inbreng wordt verzorgd via een bestuurlijke kerndelegatie.

Het bestaande Energieakkoord loopt tot 2023. Dat betekent dat het IPO ook deel neemt aan de Borgingscommissie Nationaal Energie-akkoord en aan het High Level Overleg van de SER. In deze commissies monitoren we de realisatie van maatregelen die betrekking hebben op het Nationale Energieakkoord, dat in 2013 door ruim 40 partijen is opgesteld. Provincies hebben binnen dit akkoord een belangrijke rol bij de realisatie van 6000 Megawatt wind op land en het toezicht en handhaving op energiebesparing bij bedrijven.

Bestuurlijke adviescommissie 
De bestuurlijke adviescommissie Energie behartigt de belangen van het IPO. De bestuurlijke adviescommissie wordt gevormd door de “vakgedeputeerden" uit de provincies.